Sinds 1-1-2018 is dit het schrikbarend aantal kinderen wat slachtoffer is geworden van verstoten ouders.

Als we er niets tegen doen zullen er dit jaar nog eens 10820 kinderen de dupe worden van ouderverstoting, dat zijn gemiddeld 2 kinderen per uur!

Ouderverstoting is het fenomeen waarbij een kind (na een scheiding) het contact verbreekt met één van zijn ouders. Het probleem met ouderverstoting is dat er naar het kind wordt gekeken maar niet naar de werkelijke oorzaak. Ouderverstoting

In sociaalwetenschappelijk onderzoek worden loyaliteitsconflicten dikwijls gemeten door vragen te stellen als: ‘Heb je vaak het gevoel dat je tussen je beide ouders in staat?’ en: ‘Voelt het alsof je moet kiezen tussen je beide ouders?’ Moeten kiezen is voor een jeugdige een hopeloze opgave en leidt er regelmatig toe dat hij probeert te schipperen tussen beide ouders. Het kan zijn dat een jeugdige thuiskomt bij de moeder van een weekend bij de vader en tegen vader zegt dat het erg leuk was, maar tegen moeder dat het vreselijk vervelend was. Uit onderzoek blijkt dat het voor een jeugdige belangrijk is goedkeuring te krijgen van de ene ouder om het bij de andere ouder fijn te hebben.

Parentificatie

Parentificatie is een begrip dat werd geïntroduceerd door Boszormenyi-Nagy. Volgens deze pionier van de contextuele therapie gaat het bij parentificatie om gezinsomstandigheden waarbij het kind verantwoordelijk wordt (gemaakt) voor het ouderlijk welbevinden. Het kind wordt (en/of voelt zich) geroepen oneigenlijke zorgen op zich te nemen. Zo wordt hij als het ware te snel ouder. Hij mobiliseert daarbij de nodige krachten en talenten. Maar op latere leeftijd kan dit fenomeen zich op uiteenlopende wijze wreken. Parentificatie komt veel voor na een ouderlijke scheiding.

Kortom, het is moeilijk om exact aan te geven hoe vaak problemen bij kinderen en jongeren rond de scheiding ‘ernstig’ genoemd moeten worden. Ongeveer zeventigduizend thuiswonende kinderen krijgen per jaar met de scheiding van hun ouders te maken. Naar schatting hebben ongeveer twintigduizend van hen min of meer ernstige problemen. Ongeveer zevenduizend jeugdigen lijden onder ouder-vervreemding of ouder-afwijzing, oudere jeugdigen iets vaker dan jongere. Jeugdigen met zeer ernstige problemen hebben vaak ouders die terecht zijn gekomen in het juridische circuit (vechtscheidingen). Het is gebleken dat er onder probleemjongeren en grote zorggebruikers relatief veel scheidingskinderen voorkomen.

Hechtingstrauma

Ouderverstoting wordt veroorzaakt door een verborgen hechtingstrauma van de verstotende ouder, welke door een scheiding wordt getriggerd. Oude gevoelens van minderwaardigheid en verlatingsangst komen daarbij naar boven. Deze ouder kan niet rouwen en zal het verdriet van het trauma gelijk omzetten in boosheid. Die boosheid wordt op de ex-partner geprojecteerd.

Hij wordt als dader gezien van de eigen pijnlijke gevoelens. De ex partner wordt door het getriggerde trauma als een bedreiging gezien. Die angst wordt met een lastercampagne op het kind overgedragen waardoor het kind op zijn beurt ook bang wordt voor zijn ouder. Het kind wordt zo ernstig gehersenspoeld dat het door een loyaliteitsconflict het contact met zijn liefdevolle ouder ‘zelf’ verbreekt, net zoals de ouder dat eerder al heeft gedaan.

 Het verstoten van een ouder veroorzaakt een complex rouwproces welke lijkt op het overlijden van een ouder.