1. OVS is een ernstige verstoring van het hechtingssysteem van kind en de verstoten ouder.
  2. OVS is de vierde vorm van Kindermishandeling: je ontneemt het kind het recht op een onbelast contact met een van de ouders en daarmee het recht op een eigen beoordeling van en visie op beide ouders. Het is psychische danwel geestelijke kindermishandeling.
  3. OVS is (ex)partnergeweld: je ontneemt immers de verstoten ouder het recht op het ouderschap, de verantwoordelijkheid, de morele- en wettelijke plicht om op te voeden. Je ontneemt de verstoten ouder de mogelijkheid om in te grijpen, waar nodig, in het belang van het kind.
  4. Bij kinderen die te maken hebben met verstoting ontstaat het Stockholm Syndroom: ze gaan hun verstotende ouder verheerlijken omdat ze zowel geestelijk als in de primaire levensbehoeften(huisvesting, eten/drinken, kleding, geld, sociale contacten) afhankelijk zijn van de verstotende ouder.  Alleen al voor dit punt is acute psychologisch onderzoek en hulp voor het kind noodzakelijk.
  5. Kinderen wordt schaamte en schuld aangepraat over de verstoten ouder. Alle negatieve informatie over de verstoten ouder die ze krijgen belast ze. Dit leidt niet alleen tot loyaliteitsproblemen maar ook tot een afwijzing van hun eigen afkomst. Hierbij niet alleen de 50% afkomst van de verstoten ouder maar uiteindelijk, als het besef er komt dat de verstotende ouder negatief is, wordt ook de andere 50% uiteindelijk als negatief beoordeeld, daarmee wordt het zelfbeeld van het kind voor 100% negatief.
  6. Uit angst zullen ze nooit een eerlijk antwoord naar buiten geven. Het is bijna niet meer mogelijk om een vertrouwensband op te bouwen omdat deze kinderen bang zijn om iets te vertellen. Bang dat als het bij de verstotende ouder komt dit verregaande consequenties heeft. Ook jeugdzorgwerkers kunnen geen vertrouwensband meer opbouwen. Zeker niet in een enkel gesprek. De enige die ze mogen en moeten vertrouwen is de verstotende ouder omdat ze daarvan afhankelijk zijn in hun primaire levensbehoeften. Hier tegen in gaan is levensgevaarlijk.(Stockholm Syndroom).
  7. In het geval van een vermoeden van OVS is de inzet van een klinisch psycholoog wenselijk. Te veel gebeurt het dat gedragswetenschappers op basis van informatie uit tweede hand, vastgesteld door een jeugdzorgwerker of raadsonderzoeker(die niet zijn opgeleid om te diagnosticeren of niet de expertise hebben om te observeren en tijdens de observatie zaken uit te sluiten), en zonder het kind zelf te hebben gezien verregaande beslissingen nemen. Het is in ieder geval not done en tegen de geldende regels dat er conclusies getrokken worden over kinderen of ouders door gedragswetenschappers zonder dat ze deze kinderen of ouders zelf gezien hebben. Hetzelfde geldt voor de jeugdzorgwerkers en raadsonderzoekers: zij zijn niet opgeleid om te diagnosticeren of verregaande adviezen te geven over wat ze gezien hebben. De observaties en conclusies van de hiertoe wel opgeleide professionals die de kinderen en ouders wel hebben gezien moet altijd leidend zijn hetgeen zelden gebeurd.
  8. Een gedwongen keuze voor één van de ouders is nooit goed voor de sociaal emotionele ontwikkeling van een kind.
  9. Kinderen die een ouder verstoten hebben gaan dissociatief gedrag vertonen, zeker als de ‘wond’ getriggerd wordt.
  10. Als de verstoting en het manipulatieve gedrag van de verstoter te lang duurt dan kan het kind niet meer terug: het idee van contact met de verstoten ouder wordt dan als pijnlijk ervaren: enerzijds omdat de leugens die zijn verteld over hoe slecht de verstoten ouder is angstgevoelens oproept, anderzijds op het moment dat de leugens bekend zijn bij het kind er de schaamte is voor wat het de verstoten ouder heeft aangedaan en wat het zich zelf heeft laten aandoen door de verstotende of manipulerende ouder.
  11. Hoe langer het contact verbroken is hoe moeilijker het voor het kind wordt. Hoe meer schade.
  12. Om rust te creëren kiest de jeugdzorg voor de ouder die het niet aankan dat de kinderen bij de andere ouder verblijven. Dat is absoluut de verkeerde aanpak. Die ouder die het niet aankan moet eerst worden geholpen om toestemming te geven aan de kinderen om contact met de andere ouder te hebben. Pas dan kan die ouder weer langzaam aan in contact komen met de kinderen.
  13. Kiezen voor ouder die het niet aankan dat de kinderen bij de anderen ouder verblijven is de weg vrij maken voor OVS. OVS gaat immers 24/7 door en vindt plaats achter de voordeur.
  14. Kern van het probleem is dat één van de ouders geen toestemming verleent voor het hebben van contact met dan andere ouder. Vaak gaat dat gepaard met valse beschuldigingen over mishandeling, misbruik, verwaarlozing etc.
  15. De jeugdzorgwerkers en Raadsonderzoekers moeten bij dergelijke beschuldigingen altijd aan waarheidsvinding doen. De beschuldigende ouder moet dan altijd de bewijslast tonen. Indien er sprake is van mishandeling of misbruik moet er altijd een aangifte en bewijs van bijvoorbeeld een arts zijn van de mishandeling of misbruik. Mishandeling/misbruik achteraf benoemen terwijl de kinderen in de tussentijd nog bij die ouder zijn verbleven die mishandeld/misbruikt  zou hebben is per definitie verdacht, evenals beschuldigingen zonder bewijs.
  16. De ouder die geen toestemming verleent gaat vaak over tot het eisen van een contactverbod of ontneming gezag met als reden dat het in het belang van de kinderen is. De twee vragen die de jeugdzorgwerkers/raadsonderzoekers en rechters dan moeten stellen zijn:
    1. Waarom denkt u dat het in het belang van de kinderen is en kunt u dat onafhankelijk wetenschappelijk onderbouwen dat dit in uw geval zo is?
    2. Op basis van welke wettelijke gronden denkt u het recht te hebben om de andere ouder zijn recht op ouderschap en zijn plichten om fysiek te kunnen zorgen voor het kind te ontzeggen?
  17. De vaak gekozen weg van rust is weliswaar begrijpelijk gezien de stadia van ontwikkeling die het kind doormaakt, echter dat is nooit goed voor de ontwikkeling van het kind. De ontwikkeling van het kind heeft alleen baat bij rust in een normale situatie, dus waar geen sprake is van verstoting. Bij de verstotende ouder is nimmer rust omdat de verstoting 24/7 doorgaat.
  18. Kinderen die een ouder moeten verstoten zijn geprogrammeerd, gehersenspoeld, vergelijk het met de opname in een sekte zoals de Baghwan of de Scientology kerk. De manipulerende verstotende ouder heeft een goed verhaal wat telkens sterker gemaakt wordt. Het kind heeft geen enkele mogelijkheid en ruimte om zijn eigen waarheid te vinden en mening te bepalen.
  19. Het manipuleren van de kinderen of blokkeren van omgang tussen de kinderen en een van de ouders is NOOIT in het belang van het kind en altijd schadelijk. Dus ook jeugdzorgwerkers die dergelijke maatregelen nemen of steunen handelen nooit in het belang van het kind maar kiezen voor een onveilige psychische ontwikkeling van het kind en dragen bewust bij aan een ernstige verstoting van hechtingsproces. Uitzonderingen hierop zijn wel gevallen van bewezen (geestelijke)kindermishandeling, misbruik of verwaarlozing.
  20. Onderzoek van Dr. Childress toont aan dat het zo spoedig mogelijk weghalen van de kinderen bij de verstotende ouder en onderbrengen bij de verstoten ouder helpt bij het wegnemen van de onjuiste beeldvorming over de verstoten ouder. Wel dient het kind goed begeleidt te worden door een klinisch psycholoog om het trauma van de verstoting te boven te komen en het hechtingssysteem weer zoveel als mogelijk te herstellen. Uit onderzoek van Childress en vastgelegd in de APA (American Psychiatric Association) is de navolgende conclusie te vinden:
    1. We mogen kinderen nooit bij een mishandelende ouder achter laten (OVS is ook kindermishandeling)
    2. Als het kind weggehaald wordt bij de verstotende ouder dan verdwijnen de waanideeën over de verstoten ouder.
    3. Zonder ingrijpen wordt de verstoting en de gevolgen daarvan chronisch omdat de relatie tussen de verstoter en het kind langdurig is en immuun wordt voor veranderingen waardoor geen ruimte meer ontstaat voor de waarheid.
    4. Bij het doorbreken van die relatie verdwijnen de waanideeën soms heel snel en soms heel langzaam.
  21. Indien een ouder bewust het contact tussen de kinderen en de andere ouder blokkeert of hier op aanstuurt middels procedures dan zou het gezag van die ouder nader bekeken moeten worden.
  22. Nader onderzoek is nodig naar:
    1. In hoeverre er een causaal verband bestaat tussen de verstotende ouder en persoonlijkheidsstoornissen in cluster B. Op hoofdlijnen lijkt dit verband er wel te zijn maar dit is nu nog onvoldoende wetenschappelijk bewezen
    2. De gevolgen van OVS op de langere termijn. Het is ontegenzeggelijk dat er schade is in de ontwikkeling van deze kinderen maar er is in Nederland nog geen wetenschappelijk onderzoek naar gedaan.